Astma en voedingsstoffen

Astma wordt gekenmerkt door reacties van de luchtwegen op allergenen en toxische stoffen in de lucht. Veel factoren zijn van invloed op deze reacties waaronder lichamelijke inspanningen, psychische stress en voedselallergiën (zoals  eieren, vis, pinda’s en de additieven sulfiet (e220-228) en tartrazine (e102)). Deze aandoening, die in toenemende mate voorkomt, is ook gerelateerd aan hooikoorts. Bij kinderen speelt het verkoudheidsvirus een rol.
Onderzoek laat een potentieel gunstig effect van extra omega-3 vetzuren zien bij astma. Ook extra vitamines en mineralen kunnen astmaklachten verminderen. Lees “Astma en voedingsstoffen” verder

Meer vitamine C, minder jicht

vitcHet risico op de pijnlijke gewrichtsaandoening jicht blijkt af te nemen door een hoge inname van vitamine C.  Een hoge concentratie urinezuur kan uitkristalliseren en in bepaalde gewrichten – meestal in eerste instantie de grote teen – een ontsteking veroorzaken. Ook kan uitgekristalliseerd urinezuur nierstenen veroorzaken.
Enkele jaren geleden bleek uit een gerandomiseerd, dubbelblind onderzoek dat 500mg vitamine C per dag extra het urinezuurgehalte verlaagt. Bij degenen die bij aanvang het hoogste urinezuurgehalte hadden werd dit door de vitamine C het meest verlaagd. Dit verkleint hoogstwaarschijnlijk de kans op jicht en kan van belang zijn voor de beheersing van jicht en andere urinezuur gerelateerde aandoeningen.
Arthritis Rheum. 2005 Jun;52(6):1843-7

Uit een grootschalig prospectief onderzoek blijkt nu dat veel vitamine C het jichtrisico inderdaad vermindert. Lees “Meer vitamine C, minder jicht” verder

Vitamine C, een verhaal apart….

© Michael Scott.

James Lind werd in Edinburgh geboren als zoon van een koopman.
Op 15 jarige leeftijd ging hij bij een dokter in de leer. In 1739 slaagde hij voor zijn examen als assistent-scheepsarts in de Royal Navy, de Britse Koninklijke Marine.
In die tijd stierven veel zeelui aan scheurbuik, een ziekte die zoals we nu weten, wordt veroorzaakt door een aanhoudend gebrek aan vitamine C.

De symptomen zijn niet gering: verval van lichamelijke krachten,  tandvlees dat sponsachtig wordt met volledig verlies van het gebit en bloedvaten die scheuren, waarbij het bloed uit mond, ogen, neus en anus begint te stromen.
De patiënt raakt volledig buiten zinnen en sterft uiteindelijk een afschuwelijke dood. Bij autopsie [lijkschouwing] blijken de inwendige organen dan zo verwoest te zijn, dat ze nauwelijks nog gelijkenis vertonen met hun oorspronkelijk vorm en omvang.
Dat levert bij elkaar een beeld op dat niet veel afwijkt van de taferelen uit de film
OUTBREAK.

Geslaagd experiment

Die arme dokter James moet zich bij al dit leed enorm machteloos hebben gevoeld. Het is tenslotte geen kleinigheid om dagelijks gekwalificeerde marinemensen een vreselijke dood te zien sterven.
Geplaagd door de afschuwelijke beelden van die gestorven matrozen ondernam de 31 jarige Lind op 20 mei van het jaar 1747 één van de eerste geslaagde wetenschappelijke experimenten.
Hij selecteerde 12  scheurbuikpatiënten die er zeer slecht aan toe waren, waarbij hij alle 12 als ontbijt, lunch en avondeten hetzelfde voedsel gaf.
Twee van de 12 proefpersonen echter kregen daarbij als voedingssupplement appelwijn.
Twee andere gaf hij elke dag 25 druppels zwavelzuur.
De  twee volgende slikten dagelijks 2 eetlepels azijn.
Het  daarop volgende duo kreeg iedere dag diverse kruiden,
Het  één na laatste koppel ontving een week lang dagelijks een half glas zeewater. [ bwaaaah !]
De laatste twee van de twaalf  proefpersonen troffen naast hun bordje elke dag 2 sinaasappels, een citroen en een limoen aan.
Resultaat ? De twee die appelwijn hadden gedronken werden wel beter, maar bleven te zwak om te kunnen werken. De andere 8 stierven en de 2 fruiteters herstelden binnen 6 dagen !
In dat fruit zat dus een stofje dat verantwoordelijk was voor de genezing van scheurbuik. Hoewel James Lind nooit heeft geweten dat het om vitamine C ging, werden vanaf die tijd de schepen royaal toegerust met vaten vol citroenen,limoenen en ander vers fruit. Lees “Vitamine C, een verhaal apart….” verder

Aspirine en antioxidanten bij diabetes

Aspirine in een lage dosering (100mg) wordt door veel artsen standaard voorgeschreven bij diabetici die een relatief groot risico lopen op hart- en vaatziektes. Ook is bekend dat deze mensen een slechte antioxidantstatus hebben. Vooral worden bij hen lage vitamine C gehaltes gevonden. In een langjarig onderzoek werd nu onderzocht of aspirine (100mg acetylsalicylzuur) en/of een vitamine/mineralencombinatie (100mg vitamine C, 200mg vitamine E, 25mg pyridoxine hcl (B6), 10mg nicotinamide (B3), 800mcg natrium seleniet en 10mg zinksulfaat) van invloed is op het risico op een hartaanval of een beroerte.
De 1200 proefpersonen, allen diabetici, hadden bij de start nog geen hartklachten maar de werking van de bloedvaten was al wel meetbaar slechter dan bij gezonde mensen. Op het eind van de studie, die voor de deelnemers gemiddeld 6,7 jaar duurde, bleek dat er geen verschil was tussen de risicos in de vier interventiegroepen (aspirine+placebo; aspirine+antioxidanten; placebo+antioxidanten; placebo+placebo) voor wat betreft een hartaanval, een beroerte, een amputatie of sterfte daaraan.
British Medical J 2008;337:a1840
Wat opvalt aan de vitamine/mineralen combinatie is het lage vitamine C gehalte en het hoge seleniumgehalte. Diverse onderzoeken hebben gunstige effecten op oa de bloedvaten aangetoond bij diabetici met doses vanaf 500mg (zie o.a.). Selenium kan daarentegen volgens een onderzoek juist de kans op diabetes vergroten bij een erg hoge inname (circa 400mcg per dag). De kans is daarom aanwezig dat 800mcg per dag extra de onderliggende ziekte verergert. Niet geheel zeker is dat in het artikel de elementaire mineralengehaltes vermeld staan maar waarschijnlijk is het wel. Anders zou het zinkgehalte maar 2mg zijn.

Vitamine C intraveneus bij kanker

In de jaren 70 en 80 was er een felle discussie in de medische wetenschap of hoge doses vitamine C een goede therapie was bij kanker. De best uitgevoerde onderzoeken onder terminale kankerpatiënten toonden weinig of geen effect en de therapie was daarmee afgedaan. Na onlangs onderzoek in opdracht van de Amerikaanse overheid te hebben uitgevoerd naar vitamine C bekeek een team gerespecteerde wetenschappers deze kwestie opnieuw. Het was hen opgevallen dat de onderzoeken met positieve resultaten (die van Linus Pauling en Cameron) destijds zowel orale als intraveneuze toediening van vitamine C gebruikten terwijl in de onderzoeken die geen verbeteringen te zien gaven de patiënten alleen oraal (door de mond) hoge doses vitamine C gekregen hadden. De onlangs uitgevoerde experimenten toonden aan dat bij 10 gram vitamine C intraveneus het gehalte in het bloed tijdelijk meer dan 25 keer hoger is dan na orale inname van 10 gram vitamine C. Hierna voerde men laboratoriumtests uit op kankercellijnen en op gezonde cellen. Het bleek dat bij concentraties die in het lichaam alleen te bereiken zijn d.m.v. intraveneuze toediening vitamine C kankercellen doodt in vijf van de negen kankercellijnen (d.m.v. de aanmaak van waterstofperoxide) terwijl bij geen enkele concentratie gezonde cellen werden aangetast. (PNAS, 2005; Medline Plus, 2005) Dergelijk laboratoriumonderzoek wil nog lang niet zeggen dat i.v. vitamine C bij kanker helpt. Echter, verschillende artsen hebben kankerpatiënten de afgelopen 20 jaar behandeld met deze therapie. Zie o.a.http://www.doctoryourself.com/riordan1.html. Hopelijk zal de gevestigde wetenschap de geclaimde gunstige resultaten kunnen bevestigen.

Update 31-10-2008: Proeven met muizen lieten recentelijk een sterke tumorreducerend effect zien door i.v. vitamine C. In de studie, gepubliceerd in het gerenommeerde PNAS toonde men aan dat door zeer hoge concentraties vitamine C er waterstofperoxide ontstond in het extracellulaire vloeistof maar niet het bloed. Deze H2O2 (waterstofperoxide) doodt kankercellen.
Echter, een fase 1 onderzoek bij mensen met terminale kanker kwam met tegenvallende resultaten: geen genezing of gedeeltelijke remissie door i.v. vitamine C. De onderzoekers achten intraveneuze vitamine C mogelijk wel bruikbaar als onderdeel van een combinatietherapie maar niet als stand-alone therapie bij soortgelijke kankerpatiënten. De veiligheid van de therapie kon wel worden vastgesteld. (Annals of Oncology, 2008).

Update 4-1-2013: In Duitsland gaf men 53 vrouwen met borstkanker, die hiervoor kort tevoren waren geopereerd, intraveneuze vitamine C (7,5 gram per keer gedurende vier weken) om te kijken of dit de ernst van de bijwerkingen kon verminderen. Men werd namelijk ook behandeld met chemotherapie en bestralingen. Vergeleken met circa 80 vergelijkbare vrouwen die alleen de standaardbehandelingen kregen was dit het geval. De ernst van de bijwerkingen zoals misselijkheid, verlies van eetlust, vermoeidheid, depressiviteit, slaapstoornissen, duizeligheid en bloedingen was twee keer groter in de controlegroep dan in de groep die de IV vitamine C had gekregen.
In Vivo December 2011 vol. 25 no. 6 983-990