Co-enzym Q10 en statines

Statines – cholesterolverlagende medicijnen zoals atorvastatine (Lipitor), simvastatine (Zocor) en rosuvastatine (Crestor) – verlagen het risico op cardiovasculaire gebeurtenissen bij een grote groep mensen. Met name bij mannen van middelbare leeftijd met diverse risicoverhogende factoren. Het is onduidelijk of het positieve effect van statines op de bloedvaten moet worden toegeschreven aan de cholesterolverlagende werking of op de vermindering van ontstekingsfactoren. Waarschijnlijk heeft een verhoogd c-reactief proteïne (CRP) gehalte, als indicator van chronische lichte aderontsteking, een sterkere voorspellende waarde dan cholesterolgehaltes voor zowel toekomstige hart-en vaatproblemen als het mogelijke nut van statines. Statines zijn niet zonder bijwerkingen. Vermoeidheid, spierklachten en spierafbraak zijn de best gedocumenteerde klachten. Ook een verhoogd diabetesrisico bij gebruik van statines – vooral Crestor – is bekend.

De best bewezen statine, Lipitor oftewel atorvastatine. Het verlaagt het risico op een hartaanval bij veel mensen. De producent is wel veroordeeld voor het verzwijgen van nadelige bijwerkingen.
De best bewezen statine, Lipitor oftwel atorvastatine. Het verlaagt het risico op een hartaanval bij veel mensen. De producent is wel veroordeeld voor het verzwijgen van nadelige bijwerkingen.

Deze nadelige bijwerkingen worden in verband gebracht met de remming door statines van de lichaamseigen aanmaak van co-enzym Q10, een belangrijke stof die betrokken is bij de energieproductie in de cellen. In een dubbelblind onderzoek met mensen die statines gebruikten en last hadden van spierklachten kreeg de ene groep 100 mg co-enzym Q10 per dag en de andere groep 400 IE vitamine E. In de co-enzym Q10 groep was de spierpijn in 40% van de gevallen na een maand verminderd. Ernstige pijn die zodanig was dat ze de dagelijkse bezigheden belemmerde verminderde in 38% van de gevallen. In de vitamine E groep was er geen noemenswaardige verandering opgetreden. ( Am J Cardiol. 2007 May 15;99(10):1409-12.)
Niet alle dergelijke kortdurende onderzoeken met coQ10 laten dezelfde gunstige resultaten zien. Aangezien het nadelige effect van de coQ10 verlaging door statines vaak pas na lange tijd door spierafbraak tot uiting komt is het waarschijnlijk dat de spieropbouw (of verminderde spierafbraak) door extra coQ10 ook pas na enige tijd merkbaar wordt. Andere, nog onbekende, factoren kunnen bovendien ook van invloed zijn.

In een andere studie werd onderzocht of extra co-enzym Q10 een gunstig effect heeft op de werking van de bloedvaten bij diabetes met endotheeldysfunctie (verminderde vaatcelafhankelijke vaatverwijding) die statines gebruikten. De proefpersonen kregen 200 mg co-enzym Q10 per dag of een placebo, gedurende 12 weken. Het gehalte in het bloed van deze voedingsstof steeg door de suppletie met de factor 2,7. Het bleek dat de vaatverwijding (FMD), met als gevolg een betere doorbloeding, verbeterde door de coQ10.

De gemeten verbetering vertaalt zich in een 10%-25% lager cardiovasculair risico in deze patiënten.

Diabetes Care, 2009. “Coenzyme Q10 improves endothelial dysfunction in statin-treated type-2 diabetic patients”
S.J. Hamilton, G.T. Chew, G.F. Watts

gerelateerd Vitamine D tegen spierzwakte door statines

Co-enzym Q10 en statines 2

Vitamine D en statines

Optimale hoeveelheid omega-3 vetzuren

De gezondheidsraad heeft de aanbevolen hoeveelheid omega-3 vetzuren (EPA en DHA) in december 2006 verdubbeld naar 450mg per dag. Persoonlijk schat ik al jaren de behoefte aan deze vetzuren twee tot vier maal hoger in.   Dit baseerde ik in eerste instantie o.a. op de Italiaanse GISSI Prevenzione trials :

In dit Italiaanse onderzoek werden 11000 mensen die recentelijk een hartaanval hadden gehad in 4 groepen verdeeld. Eén groep kreeg visoliecapsules te slikken met per dag 1000mg omega-3 vetzuren (EPA+DHA), een tweede groep kreeg 300mg vitamine E per dag, de derde groep beiden en de vierde groep niets.  Na 3 ½ jaar werd het aantal hartaanvallen, beroertes en sterftes door hart- en vaatziektes geteld. De vitamine E leek de kans hierop niet te hebben beïnvloed. De extra visolie bleek echter bij deze mensen met een toch al behoorlijk gezond mediterraan dieet (weinig rood vlees, boter en snoepgoed; veel groente, fruit, brood, knoflook, olijfolie, vis en wijn) de sterfte door hartaanvallen en de sterfte in het algemeen met 20 % te hebben verminderd. Dit kwam voornamelijk door een daling  van het aantal gevallen van dodelijke hartstilstand met 45%.

Een grootschalig vervolgonderzoek genaamd GISSI-Hf trial  bij een kleine 7000 mensen met hartfalen toonde aan dat visolie (1000mg omega-3 vetzuren per dag) wel de sterfte onder mensen met een ernstig verzwakt hart vermindert – zij het slechts gering (9%) – en de  statine rosuvastatine (Crestor) niet. Dit dubbelblind onderzoek duurde 4 jaar. Een verschil met het eerste GISSI onderzoek is dat in dit vervolgonderzoek de patiënten er bij aanvang een stuk slechter aan toe waren. Zo stierf 3 op de 10 patiënten in de placebo- en Crestorgroep tijdens het onderzoek waardoor een relatieve geringe vermindering van sterfte met 9% in absolute termen toch de moeite waard is.
(Lancet. 1999 Aug 7;354(9177):447-55.The Lancet, 2008; link 1, link 2)

Bij deze twee groepen mensen had 1000mg EPA en DHA per dag extra dus een duidelijk gunstig effect terwijl vis toch al een onderdeel van het dieet was. Het betrof echter wel een groep met specifieke klachten.

De vetzuursamenstelling is ook voor andere aandoeningen van belang en de verhouding tussen de verschillende soorten vet die men eet is mogelijk nog van groter belang dan de hoeveelheid. Op basis van vele studies deden onderzoekers een ingewikkelde landenvergelijking om hier voor verschillende diëten wat meer duidelijkheid in te krijgen. Lees “Optimale hoeveelheid omega-3 vetzuren” verder

XOCOATL

chocoBij het lezen van bovenstaand opschrift dacht u wellicht dat het toetsenbord van mijn computertje haperde. Of dat ik de grip op de Nederlandse taal heb verloren. Maakt u zich geen zorgen; geen van beide is het geval. Xocoatl is de benaming die de Azteken gaven aan een bruin brouwsel dat volgens hen kracht en gezondheid schonk. Het werd gemaakt van fijngemalen en gekookte pitten van de vrucht van de cacaoboom. Toen de Spaanse kolonisten in de 16de eeuw in Mexico aan land kwamen en er een slokje van namen vonden zij het te bitter.

Daarom deden ze er een schepje suiker bij, en noemden het chocolatl. De Spanjaarden vernamen van koning Montecuzoma dat de pitten van de vrucht van de cacaoboom uit het paradijs waren meegenomen en in zijn tuin waren geplant. Door het drankje te drinken kreeg men niet alleen kracht en energie, zo beweerde hij, maar werd ook het afnemend seksuele vermogen nieuw leven ingeblazen. Lees “XOCOATL” verder

Visolie en de bloedvaten

Men bestudeerde het gezamelijke en afzonderlijke effect van lichaamsbeweging en visoliecapsules op het gewicht en op meetbare risicofactoren van hart- en vaatziektes van 80 proefpersonen. Deze mensen hadden last van overgewicht en van één of meer van het volgende: hoge bloeddruk, verhoogd plasma triacylglycerol en verhoogd cholesterol (>5,5). De proefpersonen werden in vier groepen verdeeld . Groep één kreeg visoliecapsules met 1900mg EPA+DHA per dag, groep twee kreeg alleen zonnebloemoliecapsules (de placebogroep), Groep drie kreeg de visolie met de opdracht 3 x per week 3 kwartier te wandelen en de laatste groep kreeg de placebo-zonnebloemoliecapsules + deze lichaamsbeweging. Bij het begin van het onderzoek en na 6 en 12 weken werden o.a. de genoemde vetzuren gemeten alsmede de bloeddruk, het vetgehalte en de werking van de bloedvaten.
Het bleek dat Lees “Visolie en de bloedvaten” verder

Lycopeen

spagtomgezondheidseffecten van voedingsstof uit tomaten

De tot de carotenoïden behorende roodkleurige voedingsstof lycopeen is een belangrijke antioxidant. Van nature komt deze voedingsstof in menselijk weefsel in grotere hoeveelheden voor dan de andere carotenoïden zoals bèta caroteen. Dit kan wijzen op een grotere betekenis voor de gezondheid. Het komt vooral voor in tomaten. De opname, vanuit de darmen, van de carotenoïden is erg slecht bij rauwe groenten en fruit. Daarom zijn de beste bronnen van lycopeen gerechten met gebakken tomaten of tomatenpuree of oliehoudende tomatenlycopeencapsules. Lees “Lycopeen” verder

Knoflook

Knoflook wordt al sinds mensenheugenis beschouwd als een voedingsmiddel met geneeskrachtige eigenschappen. Zo bestaan er  talrijke verwijzingen door Egyptenaren naar geschreven en gebeitelde bronnen die de waarde weergeven van knoflook als middel om kracht en uithoudingsvermogen te ontwikkelen. Niet alleen de werkman at graag knoflook ook de Egyptische elite liet zich de groente goed smaken. Zelfs in het graf van farao Toetanchamon vond men tussen al het goud dat er blonk teentjes knoflook. Of dit bijgedragen heeft aan de conservering van zijn stoffelijk overschot, lijkt mij onwaarschijnlijk, maar in een Egyptisch handboek voor arts en apotheker, de Codex Ebers [ ca. 1500 v.Chr.] vond men wel meer dan twintig recepten op basis van knoflook die o.a. gebruikt werden bij infecties, hoofdpijn, darmparasieten, hoge bloeddruk en kwaadaardige tumoren.
Sinds die tijd tot op de dag van vandaag wordt knoflook zowel inwendig als uitwendig gebruikt als middel tegen infectieziektes. In WO2 nog op grote schaal door de Russen toen penicilline nog slechts beperkt voorradig was. Momenteel wordt in de biologische landbouw knoflookpoeder als alternatief voor andere antibiotica gebruikt.

De chemie van knoflook is complex en veel moet er nog over ontdekt worden. De belangrijkste geneeskrachtige stoffen lijken de zwavelhoudende aminozuren te zijn. Alliine is hiervan de bekendste. Dit ondergaat na het pletten of persen een reactie met het aanwezige alliinase waarna allicine ontstaat. Deze allicine kan weer veranderen in stoffen als ajoenes, vinyldithiines, oligosulfides en polysulfides. Verschillende bereidingswijzen brengen verschillende actieve stoffen in het lichaam. Hetzelfde geldt voor de verschillende soorten supplementen. Zo bestaan er gevriesdroogde, geurarme knoflookextracten (Pure-Gar en Kwai) die met name het originele alliine bevatten en nog het meest op rauwe knoflook lijken. Andere extracten zoals maceraat en Allimax bevatten vooral allicine en de Japanse gerijpte knoflookextracten (Kyolic) bevatten de stoffen die weer uit de allicine zijn getransformeerd.

Cholesterol
Het meeste onderzoek is uitgevoerd op het gebied van hart- en vaatziektes. Lees “Knoflook” verder