Vitamine D

Vitamine D is  een pro-hormoon dat in de huid, met behulp van zonlicht, wordt gevormd uit cholesterol. Hoe donkerder de huidskleur des te meer zonlicht nodig is. Ook is het in beperkte mate aanwezig in de voeding, met name vis. Door de lever en de nieren wordt deze vitamine D3 (cholecalciferol) omgezet in het hormoon dat de lichaamsactieve vorm is van deze vitamine D (calcitriol of 1,25-dihydroxy-vitamine D genoemd).
Deze actieve vitamine D bindt aan vitamine D receptoren (VDR), die aanwezig zijn in de cellen van de meeste organen, en opdrachten uitvoeren van het DNA.

Enkele functies van vitamine D zijn:

  • Regulering van het calcium- en fosforgehalte in het  bloed en de opname van deze mineralen uit de darmen.

  • Het bevordert de vorming van botweefsel.

  • Regulerende rol in het immuunsysteem.

  • Remt celwoekering (proliferatie) en bevordert celontwikkeling (differentiatie).

  • Zorgt mede voor spierontspanning en daarmee voor spierkracht.

Een tekort, dat doorgaans veroorzaakt wordt door te weinig blootstelling aan de zon, speelt een rol bij het ontstaan van botontkalking, zwakke spieren,  auto-immuunziektes zoals multiple sclerose, diabetes en  reumatische artritis en het ontstaan van verschillende vormen van kanker zoals darm-  borst- en prostaatkanker en mogelijk ook bij hoge bloeddruk en hartfalen.

Kinderen hebben voor een gezonde ontwikkeling van hun lichaam Lees “Vitamine D” verder

Studies uit het archief-kanker

Geselecteerd uit de archiefpagina over voedingsstoffen en kanker  buiten de blog die nu is verwijderd.

Vorming van kankerverwekkende stoffen in de maag: Nitrieten zijn aanwezig in speeksel en in de voeding. Ze worden ook vaak aan voedingsmiddelen zoals vleeswaren toegevoegd als conserveringsmiddel. In de maag kunnen nitrieten door een chemische reactie omgezet worden in de kankerverwekkende nitrosamines. Bekend is dat vitamine C dit verhindert en de nitrieten omzet in onschadelijke verbindingen. Het maagslijmvlies scheidt hiervoor ook vitamine C af. (bron).
Dit wordt gedeeltelijk bevestigd door recent laboratoriumonderzoek. De vorming van drie  kankerverwekkende nitrosamines werd grotendeels of helemaal verhinderd door toegevoegde vitamine C. Echter als het maagsap voor 10% bestond uit vetzuren bleek toegevoegde vitamine C de vorming van nitrosamines juist te verveelvoudigen. Volgens de onderzoekers verklaart dit mogelijk het in de praktijk tegenvallende kankerremmende effect van vitamine C. (Gut,2007) Vet blijft relatief lang in de maag. Extra vitamine C veel korter. Om oa maagkanker te voorkomen lijkt het daarom verstandig om vitamine C voor en niet na de maaltijd in te nemen. Al kan uit dit onderzoek niet worden opgemaakt bij welk vet percentage van de voeding de genoemde reacties optreden en of deze nitrosamines niet snel als gas het
lichaam verlaten.

Vitamine D + calcium – minder kanker: In een vier jaar durend onderzoek werd nagegaan of hoge doses vitamine D en calcium de kans op kanker vermindert. 1180 vrouwen van boven de 55 jaar werden in drie groepen Lees “Studies uit het archief-kanker” verder

Ginkgo Biloba-Alzheimer, tegenstrijdige resultaten

Enkele weken geleden maakte ik de volgende samenvatting over een onderzoek waaruit bleek dat ginkgo biloba bescherming biedt tegen vermindering van het denkvermogen – milde cognitieve stoornis

Volgens een onderzoek uit 2008, gepubliceerd in Neurology, kan ginkgo biloba dit mogelijke voorstadium van dementie helpen voorkomen. De 120 proefpersonen ouder dan 85 jaar hadden bij aanvang van het onderzoek nog geen enkel dementieverschijnsel. Men kreeg 240mg ginkgo biloba extract per dag of placebos gedurende 3½ jaar. Toen stelde men vast dat wel bij minder mensen in de ginkgogroep mogelijk beginnende dementie was opgetreden maar dit verschil was niet groot genoeg om “statistisch significant” te zijn.

  • minder mensen gingen van geen dementiesymptomen (CDR=0) naar lichte symptomen (CDR=0,5) in de ginkgogroep. Niet statistisch significant
  • Als de therapietrouw in de beoordeling werd opgenomen dan bleek het verschil tussen de ginkgogroep en de placebogroep erg groot te zijn: 67% minder kans op lichte dementieverschijnselen in de ginkgogroep. Vanwege de bloedverdunnende eigenschappen van ginkgo biloba keek men ook naar het aantal beroertes. Dit was hoger in de ginkgo-groep maar niet door meer hersenbloedingen maar juist meer lichte infarcten (meest TIA’s) (Neurology, 2008)

    Vorige week verschenen de resultaten van een soortgelijk onderzoek met dezelfde dosering ginkgo biloba maar met heel andere resultaten. Lees “Ginkgo Biloba-Alzheimer, tegenstrijdige resultaten” verder

    St Janskruid, superieur antidepressivum

    Enkele jaren geleden schreef ik in samenwerking met een collega deze studie over st janskruid als middel tegen depressiviteit.. Vele bewijzen konden we vinden over de effectiviteit van St Janskruid tegen lichte en matige depressiviteit, terwijl de resultaten bij zware depressiviteit wisselend zijn. Bij een nog kort durende zware depressie bestaat er kans op verbetering door St Janskruid maar bij een zware depressie die al lange tijd duurt biedt ook St Janskruid niet veel hoop. In het algemeen houden de resultaten van St Janskruid minstens gelijke tred met de synthetische antidepressiva. Het grote voordeel t.o.v. deze medicatie zijn de veel geringere bijwerkingen, zowel wat betreft aantal als ernst.

    Nu is er een Cochrane review verschenen over deze toepassing Lees “St Janskruid, superieur antidepressivum” verder

    B-vitamines, achteruitgang denkvermogen en Alzheimer

    Diverse onderzoeken lijken erop te wijzen dat een hoge inname van verschillende B-vitamines kunnen beschermen tegen een afname van het denkvermogen op latere leeftijd. Het zou  bescherming kunnen bieden tegen dementie, waaronder vasculaire dementie en de ziekte van Alzheimer.

    Zo bleek uit een onderzoek uit 2002 (J of Nutrition) onder een groep niet-demente vrouwen dat 750mcg foliumzuur, 15mcg vitamine B12 en 75mg vitamine B6 extra een positief effect heeft op de snelheid van gegevensverwerking, het geheugen en de spreekvaardigheid.
    Andere, Nederlandse, onderzoekers gaven 818 mensen in de leeftijd van 50 tot 70 jaar, gedurende 3 jaar 800mcg foliumzuur of een placebo. Alle proefpersonen hadden Lees “B-vitamines, achteruitgang denkvermogen en Alzheimer” verder

    Aspirine en antioxidanten bij diabetes

    Aspirine in een lage dosering (100mg) wordt door veel artsen standaard voorgeschreven bij diabetici die een relatief groot risico lopen op hart- en vaatziektes. Ook is bekend dat deze mensen een slechte antioxidantstatus hebben. Vooral worden bij hen lage vitamine C gehaltes gevonden. In een langjarig onderzoek werd nu onderzocht of aspirine (100mg acetylsalicylzuur) en/of een vitamine/mineralencombinatie (100mg vitamine C, 200mg vitamine E, 25mg pyridoxine hcl (B6), 10mg nicotinamide (B3), 800mcg natrium seleniet en 10mg zinksulfaat) van invloed is op het risico op een hartaanval of een beroerte.
    De 1200 proefpersonen, allen diabetici, hadden bij de start nog geen hartklachten maar de werking van de bloedvaten was al wel meetbaar slechter dan bij gezonde mensen. Op het eind van de studie, die voor de deelnemers gemiddeld 6,7 jaar duurde, bleek dat er geen verschil was tussen de risicos in de vier interventiegroepen (aspirine+placebo; aspirine+antioxidanten; placebo+antioxidanten; placebo+placebo) voor wat betreft een hartaanval, een beroerte, een amputatie of sterfte daaraan.
    British Medical J 2008;337:a1840
    Wat opvalt aan de vitamine/mineralen combinatie is het lage vitamine C gehalte en het hoge seleniumgehalte. Diverse onderzoeken hebben gunstige effecten op oa de bloedvaten aangetoond bij diabetici met doses vanaf 500mg (zie o.a.). Selenium kan daarentegen volgens een onderzoek juist de kans op diabetes vergroten bij een erg hoge inname (circa 400mcg per dag). De kans is daarom aanwezig dat 800mcg per dag extra de onderliggende ziekte verergert. Niet geheel zeker is dat in het artikel de elementaire mineralengehaltes vermeld staan maar waarschijnlijk is het wel. Anders zou het zinkgehalte maar 2mg zijn.

    Visolie tegen schade door luchtverontreiniging

    Het is bekend dat fijnstof bijdraagt aan het onstaan van cardiovasculaire- en luchtwegaandoeningen en de symptomen ervan verergeren. De levensverwachting van mensen die wonen of werken in gebieden met hoge concentraties fijnstof in de lucht is daardoor lager. Verondersteld wordt dat het schadelijke effect van fijnstof verband houdt met ontstekingsprocessen en met een vermindering van de hoeveelheid antioxidantenzymen in het lichaam. Een onderzoek, uitgevoerd in Mexico, mat het effect van visoliecapsules op meetfactoren die de mate van oxidatieve stress en het gehalte antioxidantenzyme (SOD, glutathione) bepalen. De proefpersonen waren mensen die woonden in een verzorgingstehuis in een gebied met veel smog. Men kreeg afwisselend gedurende enkele maanden geen capsules, visoliecapsules met circa 1500mg omega-3 vetzuren per dag of sojaolie (combinatie van omega-3-6-9). Het bleek dat na 3 maanden gebruik de mensen die de visolie gekregen hadden aanzienlijk betere meetresultaten lieten zien. Zo waren de gehaltes van de koper/zink SOD (superoxide dismultase) enzymen met 49% gestegen in de visoliegroep en het gehalte lipoperoxidestoffen – een meetfactor voor oxidatieve stress – met 72% gedaald. De cijfers bij gebruik van de sojaolie waren iets beter dan als er geen supplementen werden gebruikt maar een stuk minder dan in de visoliegroep.
    (Environmental Health Perspectives, 2008)

    Aangetoond is dat klachten t.g.v. COPD (chronisch obstructieve longziekte dwz Lees “Visolie tegen schade door luchtverontreiniging” verder

    Vitamine E en Alzheimer

    In een Amerikaans onderzoek werd onderzocht of het gebruik van hoog gedoseerde vitaminepreparaten de kans op de ziekte van Alzheimer vermindert. Tussen 1995 en 1997 werd bij circa 5000 personen van 65 jaar en ouder onderzocht of ze de ziekte van Alzheimer hadden . Dit bleek bij 200 personen uit de testgroep het geval te zijn. Ook werd gekeken welke proefpersonen vitamine C, vitamine E, vitamine B complex of multivitaminetabletten gebruikten. Drie jaar later werden deze mensen nogmaals benaderd. Hierbij werden 104 nieuwe gevallen van Alzheimer vastgesteld. Gecorrigeerd voor leeftijd, sekse, lichamelijke gezondheid en genoten onderwijsniveau werd geen bewijs gevonden voor een beschermend effect van uitsluitend en alleen gebruik van vitamine C , vitamine E ,een multivitaminepreparaat of vitamine B-complex . Onder degenen echter die zowel vitamine C (tenminste 500mg per dag) als vitamine E (tenminste 400ie per dag) supplementen gebruikten – 17% van de mensen – kwam aanzienlijk minder Alzheimer voor: 78% minder bij het eerste onderzoek en 64% minder bij het tweede onderzoek. Onder degenen die zowel vitamine E als een multipreparaat gebruikten ( dat ook vitamine C bevat ) kwam ook minder Alzheimer voor, zij het vaker dan onder de vitamine E+ vitamine C slikkers. Door anderssoortig, dubbelblind, onderzoek zou pas afdoende bewezen kunnen worden dat hoge doses vitamine E + vitamine C bescherming bieden tegen de ziekte van Alzheimer. Het is namelijk zo dat moeilijk corrigeerbare “confounders” oorzakelijk verbanden suggereren die er niet zijn (Archives of Neurology, 2004). Volgens ander onderzoek, onder mensen uit een lagere sociale klasse, kon men namelijk geen bescherming zien van vaitamine E tegen Alzheimer, al kan dat ook aan een wellicht lagere dosering of te kort durend en ongeregeld gebruik gelegen hebben (Annals of Pharmacotherapy).

    Uit dierproeven blijkt wel dat een beschermende werking van vitamine E aannemelijk is. Zo kon men de vorming van ß-amyloid halveren door aan speciale muizen tijdig vitamine E te geven. (University Of Pennslyvania Health Systems (2004, March 26). Early Vitamin E Supplements Stem Development Of Hallmark Alzheimer’s)

    Te laat begonnen met de extra vitamine E zou volgens die dierproeven geen effect meer kunnen hebben. Toch blijkt uit twee onderzoeken dat hoge doses vitamine E het verloop van de ziekte van Alzheimer kan vertragen. 342 mensen met een ernstige vorm van Alzheimer werden in 4 groepen verdeeld. Ze kregen oftewel 2000 ie vitamine E per dag of het medicijn selegiline (ook deprenyl genoemd, een monamine oxidase remmer en mogelijke antioxidant) of een combinatie van de twee of een placebo. Hierna werd gekeken hoe lang het duurde voordat het helemaal verkeerd ging. Bij de vitamine E groep duurde dit het langst: 670 dagen t.o.v. 440 dagen in de placebogroep. Bij de andere twee groepen was dit gemiddeld 655 respectievelijk 585 dagen. Het is mogelijk dat de gunstige werking van de vitamine E niet te danken was aan een specifieke werking op het eigenlijke ziekteproces maar aan een verbetering van de algehele gezondheidstoestand van de patiënten. (The Lancet, 1997)
    Recent onderzoek bevestigt deze bevindingen. De sterfte onder de patiënten die 2000 ie vitamine E per dag kregen was 26% lager dan onder degenen die de vitamine E niet gekregen hadden.

    Ook vond men dat vitamine E plus een cholinesteraseremmer [Alzheimermedicatie] beter kan zijn dan slechts één van de twee. “Onze bevindingen lieten zien dat de mensen die een cholinesteraseremmer kregen zonder vitamine E niet langer leefden” aldus onderzoeksleidster Valory Pavlik.

    (American Academy of Neurology)