BITTER IN DE MOND, MAAKT HET HART GEZOND?..

spruitjes zijn op allerlei manieren te bereiden

spruitjes zijn op allerlei manieren te bereiden

“He bah, alweer spruitjes” ?! Is die kreet tijdens uw zondige jeugdjaren ook wel eens over uw lippen gekomen? Bij mij in elk geval wel. Vreselijk vond ik ze die groene “bitterballen” op mijn bord. Het was kindermishandeling van de ergste soort. Om dit “gezonde” voedsel toch bij mij naar binnen te krijgen moedigde mijn moeder mij aan met bovenstaand gezegde.

Maar als kind wil je helemaal niet nadenken over gezonde harten of andere organen. Een bord Engelse drop, gelardeerd met M&M’s, winegums en kauwgomballen, dat willen kinderen !

 

CYP1B1

De moeders van de generatie vóór mij waren bijzondere wezens. Het lijkt wel of ze intuïtief wisten wat wel en niet goed voor ons was. En dat terwijl ze geen kaas hadden gegeten van wat wij nu verstaan onder moderne voedingswetenschap. Mijn moeder -bouwjaar 1914- dus ook niet.
Maar dat bitter beter is hebben die spruitjes -en andere bittere groenten- serverende moeders wel goed aangevoeld.
Want de resultaten uit recent wetenschappelijk onderzoek lijken hen daarin gelijk te geven.

Prof. Dr. Dan Burke is gepensioneerd hoogleraar farmacologie en gedurende meer dan 35 jaar verbonden geweest aan Britse universiteiten. Hij is een geestig en begenadigd spreker, in staat ingewikkelde zaken in begrijpelijke taal uit te leggen. Dat ervoer ik toen ik een poos geleden samen met een bevriend arts één van zijn seminars bezocht.

Dan Burke heeft met zijn onderzoeksgroep van de Universiteit van Aberdeen een nieuw type cytochroom ontdekt. Nummer CYP1B1. Wat zijn cytochromen ? Dat zijn ijzerbevattende enzymen. Wat doen cytochromen ? Een van hun taken is te assisteren bij de gemeentelijke reiniging en vuilophaaldienst in ons lichaam. Ze zijn ook betrokken bij de productie van energie in onze cellen. Ze wonen en werken in de lever, de dunne darm, de nieren en de longen.

Wat is er nu zo bijzonder aan cytochroom enzym CYP1B1 ?

  1. Burke e.a. hebben ontdekt, dat stofjes die van nature in bepaalde voedingsmiddelen voorkomen door CYP1B1 kunnen worden omgezet in voor de kankercel dodelijke substanties en
  2. dat CYP1B1 alleen voorkomt in kankercellen, maar niet in de gewone gezonde cel.

[o.a. Future Oncology Apr 2005, Vol. 1, No. 2, Pages 259-263]
Afweergeschut

Elk mens heeft kanker. U ook, waarde lezer ! Nee, niet schrikken, het valt mee. Als u over een goed gevulde kazerne met stevig getrainde soldaten beschikt, die uw lichaam bewaken tegen in en uitwendige vijanden,zeg maar het hele militaire defensieapparaat van afweerstoffen, enzymen, killercellen etc. dan is uw lichaam in staat die 1000 kwaadaardige cellen die elke dag ontstaan adequaat om zeep te helpen en op te ruimen. Van deze oorlog merkt u dus niets.

Tenzij… die soldaatjes het om wat voor reden dan ook laten afweten. In dat geval heeft u wel een serieus gezondheidsprobleem.

In zijn strijd tegen kanker was de volgende meer specifieke vraag voor prof. Burke dan ook: welke stofjes in de natuur gebruikt CYP1B1 nu precies om de kankercel op te blazen ? Burke en zijn collega prof. Gerry Potter kwamen uit bij in fruit, groente en kruiden voorkomende fytoalexinen, substanties die ze de naam salvestrolen gaven. [“salvere” = het Latijns voor redden en strol komt van resveratrol de eerste als zodanig geregistreerde salvestrol ]

Fytoalexinen kunnen beschouwd worden als het afweergeschut dat door planten wordt gebruikt om zich te beschermen tegen indringers van allerlei aard, zoals bacteriën, schimmels, virussen en insecten. Ze smaken bitter en komen in relevante hoeveelheden in biologisch geteelde groente en fruit voor. Niet biologische groente en fruit bevat veel minder fytoalexinen. De pesticiden waarmee die gewassen bespoten worden nemen de taak van het afweergeschut namelijk over. Fruit en groente zien dan geen reden om zich te verdedigen en fytoalexinen te ontwikkelen. De vijand is reeds door de gifspuit overwonnen.

Wat Potter & Burke in het laboratorium zagen was dus dat die fytoalexinen onder invloed van het enzym CYP1B1 een biochemische gedaanteverandering ondergaan en vervolgens alleen voor de kankercel een dodelijk gif vormen, maar niet voor de gezonde cel ! Daarmee zou voorkomen kunnen worden dat kwaadaardige cellen zich ontwikkelen tot tumoren met uitzaaineigingen. De huidige cytostatica [celgroeiremmende medicijnen] hebben ernstige bijwerkingen, omdat ze niet alleen kankercellen doden [prima !], maar ook gezonde cellen [niet prima !] . Het vinden van natuurlijke kankerremmers die uitsluitend in de tumorcel worden geactiveerd zou dus een stap voorwaarts in de strijd tegen kanker kunnen betekenen.

Spruitjescultuur

Inmiddels hebben Prof. Burke e.a. meer dan twintig van die tumorceldodende stofjes geïdentificeerd. Ze worden gevonden in de schil van vruchten, in zaden, bladeren en de buitenkant van wortels. Veel traditionele kruiden, zoals basilicum en rooibos hebben een hoog gehalte aan fytoalexinen. Laboratoriumonderzoek laat zien dat ze kankercellen opdrachten tot zelfmoord kunnen geven. Of om het in vaktaal uit te drukken: inductie van apoptose. Hoewel het enthousiasme van prof. Burke aanstekelijk werkt en goed is te begrijpen moet er nog heel wat research verricht worden om te zien of de experimenten met “zijn” salvestrolen in het menselijk lichaam net zo gladjes verlopen als in de reageerbuis. We zijn er dus nog niet, maar het begin is er en de resultaten zijn tot dusverre bevredigend.

Na de Tweede Wereldoorlog heeft de bevolkingstoename er toe geleid dat er meer monden gevoed moesten worden. Er moest sneller en grootschaliger worden geteeld. Dat ging ten koste van de kwaliteit van de landbouw. Het vitamine en mineralengehalte in groente en fruit is sindsdien gestadig afgenomen. Dat bitter uiteindelijk zoeter werd had nog een andere reden: na de oorlog nam de welvaart toe en werden de consumenten kritischer, ook alle Jantjes en Marietjes [of Tonnie’s, zo u wilt?] Die wilden alleen nog hun bordje leeg eten als de spruitjes, en andere bittere groenten, zoet smaakten. Omwille van de consument verwijderden de voedselproducenten daarom de bittere componenten zoveel mogelijk uit de voedingsmiddelen.

Volgens Burke & Potter bevat de huidige voeding niet alleen veel te weinig vitaminen en mineralen , maar ook 80 tot 90% minder fytoalexinen dan vijftig tot honderd jaar geleden.

Wat nu ?

Zoals ik al vaker in mijn gezondheidscolumns heb opgemerkt bestaan er geen wondermiddelen tegen kanker. Toch ben ik het met prof. Ellen Kampman, hoogleraar Voeding en Kanker van de Universiteit Wageningen eens dat de strijd tegen deze verschrikkelijke ziekte veeleer dient te beginnen in onze keukens dan in de geavanceerde laboratoria van de farmaceutische industrie. Volgens haar zou dat alleen al in ons land 30.000 nieuwe kankergevallen per jaar kunnen schelen.
Daarom is het verstandig om voornamelijk voedsel te nuttigen van onbewerkte biologische teelt.
Groente kun je het beste klaarmaken door ze te stomen of te roerbakken. Fytoalexinen zijn redelijk hittebestendig en blijven in het kookwater achter. Dat moet u dan ook niet door de gootsteen laten verdwijnen. Als u naast deze maatregelen bij de dagelijkse maaltijden ook nog een orthomoleculair vervaardigde multivitamine , magnesium, vitamine D3, vitamine C en selenium gebruikt, zorgt voor een dagelijks portie stevig bewegen, niet rookt en matig bent in het gebruik van alcohol maar royaal in het drinken van groene thee, dan bent u bezig met een evenwichtige vorm van kankerpreventie.
Wie de teugels nog strakker wil aan halen- en gegeven het feit dat 3 op de 4 Nederlanders kanker krijgt is dat zeer aan te bevelen ! – kan voor aanvullende voedingsadviezen terecht in Voedingsinterventie bij kanker – Kies het juiste voedsel in de strijd tegen kanker, 3de druk, 2008 uitgave Strengholt.
Het is geschreven door mijn goede vriend Engelbert Valstar, arts-bioloog en voorzitter van het Nederlands Genootschap voor Orthomoleculaire Oncologie [www.ngoo.nl]. Zijn boek laat duidelijk zien dat men ook in therapeutisch opzicht bij kanker niet met de handen over elkaar hoeft te zitten, maar zelf heel veel kan doen om de situatie te verbeteren.

Knolraap en lof, schorseneren en prei

Nee, dit is geen poging het beroemde lied van Drs. P nog eens te herhalen, maar een opsomming van de meest fytoalexinenrijke voedingsmiddelen. En om nog even te benadrukken: we spreken dan van biologisch verbouwde groente, fruit en kruiden. Daarvoor kunt u het beste terecht bij de z.g. natuurvoedingswinkels of direct bij de biologische boer.

Groenten: artisjokken, groene groenten, vooral allerlei soorten kool, zoals bloemkool, lentekool, savooikool, broccoli, spruitjes, avocado, wilde wortels, gekiemde sojabonen,selderie,asperges, rucola, waterkers, en alle kleuren pepers. Komkommer, spinazie, courgette, aubergine en pompoen.

Fruit: frambozen, zwarte bessen, moerbeien, appels, aardbeien, witte bes, veenbessen, peren, pruimen, druiven, vijgen, olijven, mandarijn, sinaasappel,meloen, ananas en mango.

Kruiden: peterselie, basilicum,rozemarijn, tijm, salie, mint, paardenbloem, rooibos,weegbree, rozebottel, mariadistel,meidoorn,kamille en citroenkruid.

Gerelateerde artikelen: Groentes tegen kanker en Arme Drusus Caesar!

Share

3 reacties “BITTER IN DE MOND, MAAKT HET HART GEZOND?..

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *